Op deze foto uit 1914 zien we fabriekscoureur Larry Fleckenstein met zijn “pusher” op een Cyclone boardtracker. De Cyclone was in die tijd een werkelijk opzienbarende motorfiets. Een technisch meesterwerk, geproduceerd tussen 1913 en 1917 door de Joerns Motor Manufacturing Company uit St. Paul, Minnesota. Hij werd aangedreven door een absoluut schitterend 1000cc V-twin motorblok met enkele bovenliggende nokkenassen die door koningsassen werden aangedreven.
Een motorblok als een kunstwerk
Het leek wel alsof alles in dit motorblok door een god ontworpen was. Bovenliggende nokkenassen waren in die tijd bijzonder, en al helemaal wanneer ze door koningsassen werden aangedreven. Geen goedkope, flexende ketting, maar een stabiele as die hoge motortoerentallen moeiteloos aankon.
Cyclone deed het echter net even anders. In plaats van een as uit één stuk gebruikten ze een as uit twee delen die in elkaar schoven. Dankzij een sleufverbinding konden de assen eenvoudig van elkaar worden losgetrokken. Met deze constructie konden de cilinders en cilinderkoppen worden gedemonteerd voor revisie of een snelle reparatie, zonder dat het complete distributiestelsel opnieuw afgesteld hoefde te worden.
Het mooie was bovendien dat de koningsassen gelagerd waren met zelfcentrerende en zelfstellende SKF-kogellagers, die ook nog eens dubbel uitgevoerd waren. Ook de nokkenassen draaiden in deze lagers, die destijds waanzinnig duur waren. Alles was zelfcentrerend en zelfstellend, waardoor de distributietechniek altijd perfect en ijzingwekkend nauwkeurig functioneerde. Die precisie, onafhankelijk van temperatuur of andere invloeden, leverde extra motorvermogen op, en Cyclone besefte dat als geen ander.
Harley-Davidson politiehistorie: The Police Motorcycle
Ver vooruit op zijn tijd
Ook de kleppenbediening was bijzonder vooruitstrevend. De nokkenassen dreven de kleppen niet rechtstreeks aan, maar via een tussenstuk dat zich het beste laat omschrijven als een gesloten haak die aangreep op de klepsteel, precies ter hoogte van het midden van de klepveer. Daardoor werd de zijdelingse beweging van de klep vrijwel nihil.
Een groot voordeel van deze haakconstructie was dat Cyclone de klepspeling volledig in deze constructie instelde. Door de nauwkeurige, zelfcentrerende en zelfstellende opbouw van de complete klepaandrijving veranderde die afstelling vervolgens niet meer. Je kon de cilinderkoppen demonteren en monteren, of de nokkenassen en koningsassen uit het motorblok halen, zonder je zorgen te hoeven maken over het opnieuw afstellen van de kleppen of de nokkenassen. Een prachtige constructie die lichtjaren verwijderd was van de gebruikelijke F-head kop/zijklep-motorblokken uit die periode.
Ongekende precisie
Het motorblok was bovendien uiterst precies opgebouwd, met minimale inbouwtoleranties. De krukas werd af fabriek niet uitgeshimd en was geconstrueerd met een tolerantie van slechts 0.001 inch. Daarmee was Cyclone in 1913 de eerste automotivefabrikant ter wereld die hiertoe in staat was. Zelfs in de vliegtuigindustrie was zo’n nauwkeurigheid toen nog niet bereikt.
Het geheel had overigens ook een nadeel: het olieverbruik was enorm. De Cyclone verbruikte ongeveer één liter olie per 8,5 kilometer.
Illustratie: Archives A. Herl


