De fraai geëquipeerde garage van Lev Vanorbeek’s goede vriend Olaf, is het ideale basement voor een sfeervol dialoog. Lev filosofeert er enthousiast over de geneugten des levens: stand-upcomedy, rock ’n roll en oldskool choppers.
Lev bekent dat zijn chopper niet tot de aller-schoonste creaties behoort die ooit het asfalt betraden, maar toch koestert hij hem met bijzondere toewijding. “Ik kocht hem bij de Paddocksplace, een toffe zaak waar je naast de aankoop van een motor ook een steak en dikke cheeseburgers kunt verorberen. De vorige eigenaar had de verwaarloosde Sportster nooit deftig afgesteld gekregen en tijdens het opstarten kwamen er betrekkelijk stevige knallen uit de uitlaat. Daardoor kon ik me mits wat onderhandeling, tegen betaalbaar tarief een heuse Harley-Davidson aanschaffen.
The White Noise: Ferdinand neemt zijn Sportster onder handen
VOORNEMENS
Lev: “Samen met mijn pa en de kameraden Olaf en Gerry hebben we er een drietal maand intensief aan gesleuteld. Een grondige controle bracht namelijk meerdere ernstige mechanische problemen aan het licht. We ontdekten dat er in de primaire kast foutief een dichting van een recenter model gemonteerd zat. Qua afmeting paste die perfect, maar een klein gaatje dat voor de oliecirculatie zorgt, zat niet op de juiste plaats. Het blok werd bijgevolg geteisterd door een ontoereikende kopsmering en akelig droge kleppen. Ondanks een nagenoeg total-loss toestand hebben we de Amerikaan alsnog van de schroothoop kunnen redden. Vol euforie besloot ik er een zomertje mee te knallen om hem daarna fatsoenlijk te reviseren. We zijn nu 10 jaar verder en van een reconstructie is nog niks in huis gekomen”, schatert hij. “Zolang dat ding start wip ik erop om mateloos te genieten. De Sportsterblokjes zijn het beste wat Harley-Davidson ooit gemaakt heeft. Het donderijzer heeft vier versnellingen en knalt opperbest. Bij het accelereren gaat het gas doorgaans volledig open. Mijn mormel straalt pure rock ’n roll uit. Wanneer hij naast een yuppie met een rinoceros van 35.000 euro geparkeerd staat, kaapt hij vaak alle aandacht weg. Tezamen hebben we al heel wat capriolen beleefd. Als stand-upcomedian ben ik er diverse podiums mee opgeknald en ik heb er mee in de krant gestaan. In de Belgische Ardennen rijd ik er in uitdagende bochtencombinaties graag de kantjes vanaf. De zijdelingse nummerplaat schraapt er bestendig over het asfalt. Door zijn primitieve looks oogt de chopper een tikkeltje afgeleefd, maar ik hou van zijn charisma. Oorspronkelijk was het de bedoeling om een betaalbare Harley aan te schaffen, liefst een beetje naar mijn goesting verchopperd. Het koetswerk zou ik later wel vervangen, net als het blok tot in de puntjes afstellen, stalen remleidingen en een betere voorvering monteren. Kortom: de machine kwalitatief en technisch opwaarderen, zonder het smoeltje aan te tasten. Helaas is het bij voornemens gebleven.
ROOKT EN PINGELT
Lev vervolgt: “Het prachtige oldskool spuitwerk van mijn Sportster heeft een hoog nostalgiegehalte, maar helaas ben ik geen fan van blauwe tinten. Met een vader die kan airbrushen zou dat euveltje snel opgelost zijn, maar daardoor zou de twin een stuk van zijn oorspronkelijke ziel verliezen. Wegens het tekort aan kopsmering waren nieuwe klepstoters vereist. Voor de rest rookt en pingelt hij een beetje, maar dat houdt hij inmiddels al 10 jaar vol. Van opkalefateren hou ik niet, dus zodra de verbouwingen aan mijn werkhuis klaar zijn komt dat perfect in orde. De ongedempte uitlaten braken bij elke gasstoot het juiste, authentieke oldskool Harley geluid uit. Het achterlicht durft wel eens kapot te trillen. Met de goedkope Dreamizer unit is dat gelukkig geen angstwekkende aderlating. Ondanks het gebrek aan ‘chroomvrees’ zijn er toch heel wat onderdelen zwart overspoten. Een glimmende koplamp was precies de spreekwoordelijke tang op een varken. Het achterspatbord is met bussen ‘uitgerold’ om plaats te maken voor een bredere achterband. Met het op maat gemaakte duozitje kan ik met opgebonden matras en tent op zoek naar primitieve outlaw avonturen in de Ardennen. Veel ruimte is er niet. Daarom heb ik mijn vriendin niet voor de vleselijke geneugten of whatever gekozen, maar gewoon om dat ze met haar slanke lijntje uitstekend op het zadeltje past. Toen we ons samen klaarmaakten voor een door mij beloofd weekendje Ardennen, merkte ik plots op dat ik in de week daarvoor een duosteuntje verloren had. Vette paniek natuurlijk. Als ultieme reddingsboei heb ik toen de steuntjes van mijn zoons BMX gejat. Momenteel staan ze er nog steeds op.”
SPRINGER
Bovenop de Sportster heeft Lev ook nog een 1340 Springer op stal. “Vol ontzag keek ik vroeger naar voorbij denderende motorclubs. Vooral de Springers met apehanger vond ik supercool. Danny, de neef van mijn moeder had er zo eentje. Die stond, helaas wegens Danny’s ziekte, al een paar jaar te verkommeren. Nadat ik de extreem verbouwde machine tegen een vriendenprijsje aankocht, heb ik hem zijn origineelstaat terug geschonken. De onderdelen waren meegeleverd in een appelkist. De afwerking heeft Danny niet meer meegemaakt, maar elk tripje voelt aan alsof hij goedkeurend meerijdt. Harley-Davidson’s ‘sound of freedom’ is iets dat echt bij me aansluit, maar een fanaticus die over niks anders dan Harley kan leuteren ben ik niet. Ik ben een ingetogen, niet merkgebonden motorliefhebber.”

HOOG CLUBHUISGEHALTE
Als stand-upcomedian heeft Lev een vrij excentriek beroepsleven. “Mijn wereldje draait hoofdzakelijk om de twee dingen die ik het liefst doe, motorrijden en mensen laten lachen”, stelt hij. “Het podiumvirus kreeg ik via de Zepperse toneelvrienden te pakken. Na een tijdje wou ik graag loskomen van de voorgekauwde regie en mijn eigen flauwe zever brengen. Veel comedians spelen in op politiek en dagelijkse miserie. Dat moet je voor het publiek niet nog eens gaan herkauwen, vind ik. Dan breng ik liever humor en anekdotes uit het gewone (motor-) leven. In elke show laat ik een stukje improvisatie open voor de motards, want er zitten steeds meer mannen met baarden en tattoos in de zaal. Mijn vader was destijds lid van een motorclub. Als jonge snaak was ik behoorlijk onder de indruk van hun statige emblemen. Vandaag draag ik het logo van de Motorcycle Comedy Club. Een select groepje van gelijkgestemde zielen die samenhorigheid, vriendschap en humor hoog in het vaandel dragen. We vinden het fijn om eindeloos te ouwehoeren en samen te cruisen op onze Harley’s. Mijn 883 wordt enkel ingezet om te ontstressen. Vrouwen komen door Yoga tot rust, ik doe dat met de motor. Het is echter speelgoed met een bijsluiter. Zo’n hardtail gebruik je best over niet al te lange trajecten, bij thuiskomst kan de gevreesde hernia immers toeslaan. Mijn Springer en Sportster zijn allebei in 1989 gebouwd. Eigenlijk zou ik ze gezamenlijk kunnen verpatsen om een Amerikaanse toerbuffel met luxueuze luchtvering aan te schaffen. Maar ze hebben elk hun luisterrijk levensverhaal en eigen ziel. ’s Avonds worden ze respectvol de living ingerold. Daar zorgen ze voor een hoog clubhuisgehalte, met Kerstmis worden ze zelfs met sfeervolle lampjes getooid.”
KAMPVUURCLUBJE
Afsluitend onthult Lev hoe hij op zijn vijfde reeds op een 60 cc quad reed: “De ‘microbe’ had me abnormaal vroeg te pakken. We woonden midden de velden, waar ik naar hartenlust kon knallen. Op de hoek van de straat kwamen wel eens wat sjarels tezamen. Daar stond ik als zesjarige met mijn eigen Camino tussen, het brommertje waar zeventienjarige binken begin de nineties van droomden. Rond mijn achtste leerde mijn pa me met vitesses (versnellingen) rijden op een Honda MT. Die werd opgevolgd door een tot 70 cc opgeboorde, watergekoelde MTX waarmee ik midden de akkers zalige avonturen beleefde. Wat later had ik een 125 cc go-cart en als dertienjarige reed ik op een heetgebakerde Yamaha 250TDR tweetakt met dubbele expansiepijp. Dat was voor die leeftijd een waanzinnig heftige machine. Eenmaal zestien had ik een Aprilia RS om legaal de baan mee op te vlammen. Mijn vrienden hadden een Camino, maar die had ik tien jaar daarvoor al gehad. Mijn pa was zijspancrosser en ik ben bij hem een tijdje bakkenist geweest op amateurniveau. Zelf heb ik geen technische opleiding genoten. Lassen, bescheiden sleutelwerk en een onderhoudsbeurtje gaan nog wel, ernstigere mechanische problemen laat ik aan mijn vader over. Eenmaal meerderjarig kwam ik in de ban van de 4×4, maar naast de Chevrolet V8 stond er steevast een oude crossmotor of quad klaar om inderhaast de bossen eens mee in te schieten. Met een genoeglijk vriendenclubje en 23 Jeeps trokken we gestaag de Ardennen in. Mannen met hoog testosterongehalte, ’s avonds tezamen bij de grill met een biertje rond het kampvuur. Onvergetelijk vertier, maar mijn passie is ooit met moto’s begonnen en daar zal het ook mee eindigen.”
Fotografie: Patrick De Muynck
SPECIFICATIES HARLEY-DAVIDSON SPORTSTER CHOPPER
Algemeen
| Eigenschap | Details |
|---|---|
| Eigenaar en bouwer | Lev Vanorbeek ([www.lev.be](http://www.lev.be)) |
Motorblok
| Eigenschap | Details |
|---|---|
| Merk en type | Harley-Davidson Sportster |
| Bouwjaar | 1989 |
| Cilinderinhoud | 883 cc |
| Carburateur | origineel Harley-Davidson |
| Luchtfilter | selfmade |
| Uitlaten | custom |
| Versnellingsbak | 4 versnellingen |
Rijwielgedeelte
| Eigenschap | Details |
|---|---|
| Type frame | hardtail |
| Voorvork | origineel Harley-Davidson |
| Wielen | origineel Harley-Davidson |
Diversen
| Eigenschap | Details |
|---|---|
| Koplamp | bobber, yellow |
| Stuur | Frisco style |
| Spiegels | Iron Cross |
| Handvatten | L&L Choppers, metal flake |
| Benzinetank | Peanut |
| Zadel | L&L Choppers, metal flake |
| Olietank | custom |
| Achterspatbord | custom made |
| Achterlicht | Dreamizer |
Spuitwerk
| Eigenschap | Details |
|---|---|
| Kleur | Metal flake, oldskool airbrush |


