In Nederland zijn er relatief veel gelukkige bezitters van een militaire Harley-Davidson. Na de tweede wereldoorlog bleven er veel WLA en WLC modellen van de Amerikanen achter. In eerste instantie werden deze ex-legermotoren gereden door studenten omdat zij goedkoop waren en betrouwbaar.
Mijn eerste WLA kocht ik indertijd voor 80 gulden en dat was ook nog een hele mooie, met veel extra reserveonderdelen! Tegenwoordig liggen de prijzen aanmerkelijk hoger en rijden arme studenten niet meer op een WLA rond.
Een WL model is tegenwoordig een bezit waar je flink ver je beurs voor open moet trekken. Gelukkig blijven deze motoren hun waarde behouden, dus kun je het ook als een goede investering zien. Wat nu, als je eindelijk je jeugddroom hebt waargemaakt en er dan achter komt dat je droom niet helemaal meer in het hedendaagse verkeersbeeld past?
Upgrade 2006 Night Train met 55.000 op de teller: rijdt weer als een trein!
De puristen onder ons zullen nu luidkeels gaan roepen dat een oude motor origineel moet blijven. Hier ben ik het voor een groot deel ook wel mee eens. De remmen van een WL zijn zwaar onder bemeten en zijn eigenlijk ontoereikend voor het hedendaagse verkeer. Om dan gelijk maar een setje schijfremmen op een WL te zetten gaat mij te ver. Ik ben er dan een voorstander van om de remmen te optimaliseren door goed onderhoud en wat defensiever te rijden. Aan de andere kant zie je natuurlijk heel veel WLA-modellen die omgebouwd zijn naar burger WL modellen en dat is natuurlijk ook verre van origineel. Daarnaast zijn er ook verbeteringen mogelijk die onzichtbaar zijn, maar wel een wereld van verschil maken tijdens het rijden. Van je legermodel technisch een burger uitvoering maken is een kleine ingreep die het leven een flink stuk prettiger maakt en vrijwel onzichtbaar is. Je kunt plotseling met het andere verkeer meekomen en een voorganger even soepel inhalen. Je hoeft alleen maar je originele M88 carburateur wat aan te passen en een elektronische ontsteking te monteren.
CARBURATEUR
Voor elk probleem is natuurlijk een oplossing. De WLA en WLC waren eigenlijk de slechtste modellen uit de WL serie. Deze militaire modellen waren flink geknepen ten opzichte van de burgermodellen. Van een WLA / WLC technisch een WL maken helpt je al gelijk een flink stuk op de goede weg. De militaire modellen hebben een M88 carburateur met een doorlaat van 7/8 inch (22,23 millimeter). De burgermodellen kregen een M51 carburateur met een doorlaat van 1-1/16 inch (26,99 millimeter). Nu lijkt het verschil van 3/16 inch (4,74 millimeter) niet veel, maar het betreft een oppervlakte van een cirkel en als je gaat rekenen is het verschil in doorlaat een kleine 20 procent en dat is best veel en daarom duidelijk merkbaar in de prestaties. Deze ingreep is eigenlijk supereenvoudig omdat de Linkert carburateurs losse, uitwisselbare venturi’s hebben en het veranderen van de doorlaat dus eenvoudig is. Je begint met de oude venturi te verwijderen. Daarna moet je even aan de zijkant van de carburateur een gaatje boren om het emulsiepijpje te beluchten. Bij de M88 wordt de emulsiepijp via een uitsparing aan de onderzijde van de venturi belucht. Bij de M51 burgermodellen bevindt zich hiervoor een gaatje van 4,9 millimeter aan de rechter zijkant van de carburateur. De plek van het gaatje kun je het eenvoudigst even overnemen van een burger carburateur. Na het boren van het gaatje kan de nieuwe venturi op zijn plek in de carburateur geplaatst worden. Hierna hoeven we alleen nog maar de vaste sproeier in de vlotterkamer te vervangen door een blindplug en de vaste naald te vervangen door een verstelbare sproeiernaald van een burger carburateur. Als je gereed bent met je klus is het haast niet te zien dat de boel veranderd is, omdat de verstelbare hoofdsproeier verborgen zit achter je luchtfilter. Voilà, een kind kan de was doen! Je hebt nu een carburateur met een grotere doorlaat die ook nog eens perfect afstelbaar is.
ONTSTEKING
Origineel hebben deze modellen een ontsteking met contactpunten. Nu zitten we tegenwoordig opgescheept met benzine die voor een deel (5% of 10%) is aangelengd met biobrandstof. Hierdoor daalt de verbrandingswaarde aanmerkelijk en is de brandstof veel moeilijker tot ontbranding te brengen. Je contactpunten gaan dit niet redden en het gevolg is slecht presteren van de motor in het lage- en middengebied en tijdens het accelereren. Ook vervuil je door een slechte verbranding je motorblok, met alle gevolgen van dien. De simpele oplossing voor dit probleem is om een elektronische ontsteking te monteren. Ook deze ingreep is redelijk eenvoudig en door elke goede doe-het-zelver te doen met simpel gereedschap. Deze elektronische ontstekingen werken van 4,5 Volt t/m 16 Volt dus je kunt ze altijd monteren, ook als je motor omgebouwd is naar 12 Volt. Je demonteert eerst even de contactpunten en de condensator van de grondplaat en zet hiervoor de elektronische ontsteking in de plaats. Nu nog even aansluiten op de bobine, afstellen en je bent verzekerd van een perfecte vonk voor een optimale verbranding.
ANDERE OPTIES
De hiervoor beschreven aanpassingen zijn eigenlijk wel noodzakelijk om met je oude WL prettig aan het dagelijkse verkeer deel te kunnen nemen. Je kunt natuurlijk één of meerdere stapjes extra doen om het rijplezier te verbeteren. Voorbeelden zijn:
- Hogere compressie. De militaire modellen hadden haast altijd een compressieverhouding van 1 : 5,0. De burgermodellen hadden een compressieverhouding van 1 : 6,0. Nu kun je eenvoudig de cilinderkoppen voor de legermodellen affrezen naar de hogere compressieverhouding van de burger modellen. Het levert wat extra vermogen op en rijdt veel prettiger. Deze ingreep is niet te zien.
- Wisselstroomdynamo monteren. Een wisselstroomdynamo doet zijn werk veel beter dan de oude gelijkstroomdynamo. Je motor wordt dan 12 Volt en je houdt altijd een volle accu. Een belangrijke verbetering is ook dat de wisselstroomdynamo veel minder vermogensverlies geeft dan een gelijkstroom model, omdat de wisselstroom dynamo veel lichter is en stukken soepeler draait. Deze ingreep is wel zichtbaar, maar dan moet je er wel echt op letten.
- Ombouw naar WLD. De WL was indertijd het ‘oude lullen model’. Wie wat sportiever ingesteld was, kocht een WLD, het sportieve snellere broertje van de WL. Er werden indertijd door de dealers meer WLD’s aan burgers verkocht, dan WL’s. Deze ombouw vereist wat meer sleutelwerk maar is wel helemaal de moeite waard en je maakt er echt meters mee betreffende verbeteringen! Je moet hiervoor grotere inlaatbussen met spruitstuk van een WLD monteren. Als je echter toch aan een revisie van je bovenblok toe bent, is het misschien helemaal niet zo’n gek plan om de boel gelijk om te bouwen.
Fotografie: Ger Dijkshoorn
| Onderstaande mail ontvingen wij van een klant die we de ombouw geadviseerd hadden: |
| Hallo Ger, Het heeft even geduurd, maar nu is de elektronische ontsteking volgens de voorschriften ingebouwd en de sproeiers van de M51 uitvoering, volgens jouw handleiding afgesteld. Resultaat: pats, lopen. Dit nog niet veel meegemaakt. Stationair is hij altijd onregelmatig geweest met het risico van afslaan (bijv. bij verkeerslichten), waarna hij dan pas met veel moeite weer aan de praat te krijgen is. Dit is nu over en dat is al een enorme verbetering. Bij gas geven vanuit stationair pakt hij direct op en laat hij nagenoeg geen walm zien. Bij de proefrit valt het als eerste op dat hij sneller accelereert en regelmatiger loopt. |



